Het grootste wonder ben jij

Tijdens zo’n lockdown heb je nog eens tijd om wat te lezen. Ik lees van alles en zo ontdek ik van alles. Een paar voorbeelden:

Sterrenkundigen schatten dat er in het heelal zo’n honderd miljard sterrenstelsels voorkomen, waarvan onze eigen Melkweg er een is. Ze vermoeden dat een gemiddeld sterrenstelsel honderd miljard sterren bevat. In het heelal zijn er dus honderd miljard keer honderd miljard sterren. Dat is tien triljard – een één met twintig nullen. Als je alle zandkorrels op aarde zou tellen, kom je waarschijnlijk uit op zo’n honderd triljoen – een één met tweeëntwintig nullen. Voor elke zandkorrel op onze planeet staan er dus honderd zonnen ergens in de kosmos te stralen!

En hier op onze planeet is het allemaal al net zo wonderlijk. Ik lees een fantastisch boek over schimmels. Schimmels komen overal voor, ook in en op ons lichaam, en ze maken sporen om zichzelf te reproduceren. De jaarlijkse hoeveelheid sporen die door schimmels worden verspreid, wegen bij elkaar maar liefst vijftig megaton. Dat is net zoveel als een half miljoen blauwe vinvissen bij elkaar. Of net zoveel als vijf wolkenkrabbers ter grootte van het Empire State Building in New York… En al die sporen zweven gewoon door de lucht!

Dit mogen dan vooral weetjes zijn en geen directe ervaringen, de verwondering is er bij mij niet minder om. Maar het grootste wonder is voor mij toch wel het feit dat er überhaupt iets bestaat. En dat dat ‘iets’ ook nog eens in staat is zichzelf waar te nemen, in de vorm van (onder andere) jou en mij. Het bestaan, het universum, heeft zichzelf van zintuigen en hersenen voorzien zodat het zichzelf kan kennen. Wij zijn het bestaan zelf, het leven zelf. Wij zijn het Ene bestaan dat zichzelf waarneemt, zichzelf ‘be-leeft’. Dit Ene is wat ik ben en wat jij bent. Eén geheel waaruit niets verdwijnt en waarbinnen alles alleen verandert van vorm. Sterren, zandkorrels, schimmelsporen en mensen doen hun ding totdat ze weer iets anders zijn geworden. Het bestaan zelf – jij dus – is het grootste wonder.

Als je dit gaat beseffen, kan dat grote gevolgen voor je hebben. Voor mij betekende het de ontdekking dat ik niet mijn best hoeft te doen om erbij te horen, en dat ik niet aardig gevonden hoef te worden om me verbonden te weten met anderen. Ik ben sowieso verbonden, dus de voorwaardelijkheid valt weg. Dit alles is er gewoon, en ik bén dat. Jij bént dat. Je hoeft niet te ploeteren om er te mogen zijn, maar je mag onbekommerd genieten als een kind in de speeltuin.

2 Comments

Geef een antwoord