Spanning voelen

Vorige week voelde ik me gespannen. Mijn schouders deden pijn. Dat gevoel herkende ik van vroeger, wanneer ik iets moest gaan doen waar ik erg tegenop zag. Mijn neiging was nu om te gaan zoeken naar de oorzaak van de spanning. Ik kon wel wat vinden: die middag zou ik een sessie hebben met een cliënt die per mail had aangekondigd dat dit de laatste keer zou zijn: na vijf sessies wilde hij stoppen. De spanning in mijn lijf had te maken met het idee dat ik geen goede coach voor hem was geweest en dat hij daarom niet verder wilde bij mij. Ik nam dat voetstoots aan, zoals ik dat vroeger ook deed: ‘Zie je wel, ik ben niet goed genoeg.’

Als we spanning voelen in ons lijf, gaat onze mind op zoek naar een oplossing in het heden. Want er zal wel iets mis zijn. Het lichaam reageert met spanning op een bedreigende situatie, dat is een belangrijke overlevingsfunctie bij zoogdieren. De spanning bereidt ons voor op vechten, vluchten of bevriezen.

Maar onze spanning is meestal psychologisch van aard en heeft niets te maken met een situatie die acuut en bedreigend is. Het heeft te maken met een herinnering, vaak onbewust en misschien wel op celniveau, aan een vergelijkbare situatie toen we ook bang waren. Of die angst destijds nu terecht was of niet, daar maalt ons lichaam niet om. Het reageert domweg met dezelfde spanning. Maar ons brein ook, en daar kunnen we wat tegen doen. Vaak ontstaat er een keten aan gedachten, gericht op een oplossing. Maar die is er uiteraard niet, omdat er geen echt gevaar dreigt. Die gedachtetrein kunnen we stoppen door onze aandacht te richten op ons lichaam. En de spanning gewoon te voelen, in plaats van in de reactie te gaan en op zoek te gaan naar een oplossing. De enige echte oplossing is: voel de spanning, ga naar de plek in je lichaam waar je die het sterkste voelt, en richt er je aandacht op. Met liefde, als het lukt. Probeer niets te verbeteren of weg te krijgen, maar geef alleen aandacht. Door het gevoel van angst (of verdriet, of boosheid, of frustratie) helemaal welkom te heten, mag het er gewoon zijn. Als kind zei je eigenlijk tegen jezelf: ‘Deze spanning is te erg, dat overleef ik niet, dus die moet ik onderdrukken’. Onverwerkte – want nooit helemaal gevoelde – spanning maakt zich steeds opnieuw kenbaar, totdat hij wordt gevoeld. Aan jou de taak die spanning dus maar eens gewoon waar te laten zijn en te verwelkomen, puur door het te voelen. Dat is het enige wat je hoeft te doen. Geen oplossing bedenken voor de dreigende situatie, want die dreiging is er helemaal niet.

Ik was die dag vergeten die spanning te voelen, en ging met pijnlijke schouders de sessie in. Toen ik hem vroeg waarom hij met de sessies wilde stoppen, vertelde mijn cliënt dat hij er behoefte aan had te onderzoeken of hij zónder hulp verder kon. Zijn reden om te stoppen had niets te maken met zijn mening over mij. Ik zei dat ik het een moedige beslissing vond, maar dat hij volgens mij beter nog even kon blijven komen. We hadden een mooie sessie en hij besloot door te gaan met het traject.

Na de sessie voelde ik geen spanning meer. De spanning was dus geen waarschuwing geweest voor gevaar, maar een fysieke reactie op een oud, onverwerkt gevoel. Zo lang ik het gevoel niet aanvaard en probeer te bestrijden, zal ik gespannen blijven in zulke situaties. En ook dat is geen probleem.

Geef een antwoord